JBT wil productie in Sint-Niklaas stoppen: “Unieke vakkennis wordt met een bulldozer kapot gemaakt”
Op 21 mei maakte machinebouwer JBT Marel bekend dat men de intentie heeft om
de productie in Sint-Niklaas stop te zetten. Daarmee dreigen 57 van de 150 werknemers hun werk te verliezen, waaronder alle arbeiders. Het voortbestaan van de fabriek – ooit een parel van de Oost-Vlaamse maakindustrie – is onzeker.
Een gesprek met Frank Van Dorsselaer (secretaris ABVV-Metaal), Petra Maes (BBTK-hoofddelegee) en Stijn van der Vloet (ABVV-Metaal hoofddelegee) over een unieke bedrijfscultuur die dreigt te verdwijnen en de moeilijke strijd om jobs te redden.
De aankondiging: wie wordt getroffen?
De boodschap kwam hard binnen, begint Stijn: “We wisten dat er iets kon gebeuren, maar dat het zo drastisch zou zijn hadden we niet verwacht. De volledige productie wordt geschrapt. Er verdwijnen 57 banen op een totaal van 150 werknemers. In de eerste plaats gaat het om alle 32 arbeiders, maar er moeten ook 25 bedienden vertrekken."
Volgens Petra – die zelf op de Customer Care Service afdeling werkt – is het nog niet duidelijk welke bedienden precies getroffen zullen worden: “Die onzekerheid knaagt aan iedereen in het bedrijf. Alle werknemers zijn op de één of andere manier gelinkt aan de productie, dus de onrust is groot."
Historisch gebrek aan investeringen
De directie haalt verschillende argumenten aan om de sluiting te rechtvaardigen: de gebouwen zouden te oud, onveilig en onderbenut zijn, de energiekosten te hoog en de orderportefeuille te leeg. Door de automatische loonindexering zou de site bovendien steeds moeilijker kunnen concurreren met vestigingen in lageloonlanden zoals Brazilië.
Maar eigenlijk werd er de voorbije jaren gewoonweg veel te weinig geïnvesteerd in de toekomst van de fabriek. "We werken al lang met verouderde machines", reageert Stijn. "Als je niet investeert, kan je niet bouwen aan de toekomst. Het is juist dat gebrek aan een langetermijnvisie dat ons nu de das omdoet."
Daardoor vernietigt de Amerikaanse directie vernietigt een uniek stuk industrieel erfgoed en expertise, zegt Petra: “Omdat het bedrijf uitsluitend maatwerk levert en geen bandwerk doet, was er een zeldzame synergie tussen theorie en praktijk. Ingenieurs liepen dagelijks naar de werkvloer om oa digitale ontwerpen direct met de arbeiders af te stemmen en te testen en tot op de millimeter nauwkeurig bij te sturen.” Ook de collega’s van Project Management, Sales Support, Field Service Engineers hebben een nauwe samenwerking met de arbeiders.
In de woorden van Frank: "Die unieke vakkennis worden nu met een bulldozer kapotgemaakt. In Amerika kijken ze alleen naar de cijfers, maar ze snappen niet dat deze specifieke knowhow niet zomaar elders te kopiëren valt."
Wat nu? De Wet-Renault en strijd voor jobs
Nu de procedure van de Wet-Renault officieel is opgestart, bevinden de vakbonden zich in de eerste fase van de informatievergaderingen. Via een QR-code werd er een stroom aan vragen en bezorgdheden van de werknemers verzameld. Petra legt uit dat de focus nu nog volledig op het 'waarom' ligt, en dat pas nadien het 'wat' en het 'hoe' aan bod komen. Pas helemaal aan het einde van de rit volgen de onderhandelingen over het sociaal plan.
Frank is strijdbaar: "Voor ons is deze intentie tot sluiting nog geen gelopen race. Er is veel solidariteit tussen arbeiders en bedienden. We gaan vechten voor elke job. We gaan proberen de werkgever te overtuigen om ten minste een deel van de productie hier te houden. Mocht dat echt niet lukken, dan gaan we voor een sterk sociaal plan.”
Wat brengt de toekomst?
Over de toekomst van het bedrijf na de herstructurering zijn onze delegees somber. De directie spreekt over een verhuizing van de overblijvende zestig tot zeventig bedienden naar een nieuwe, duurzamere locatie in de regio, maar dat is nog steeds niet concreet.
Stijn vreest bovendien dat de overblijvers het nog veel zwaarder gaan krijgen: "Als de productie hier weg is, vormen wij voor de internationale groep vooral een kostenpost. We produceren dan zelf niets fysieks meer dat rechtstreeks geld opbrengt. En als de productie naar landen zoals Brazilië of Zuid-Afrika. Hoe gaan we dat praktisch organiseren?"
Petra vult aan: "Vandaag plannen wij wereldwijd onze technici in vanuit Sint-Niklaas, in directe samenspraak met de productie in St. Niklaas, onze Customer Care Spares
afdeling en onze klanten. Als dat straks duizenden kilometers verderop zit, wordt dat een heel moeilijk verhaal. Er zijn dus nog veel vragen over de toekomst op de lange termijn en we willen dat graag duidelijk krijgen.”