De Green deal: grote ambities, implementatie af te wachten

Context

Op 11 december 2019 stelde de Europese Commissie (EC) haar nieuw groeistrategie voor, de “Green deal”. Deze strategie heeft als overkoepelende doelstelling om Europa in 2050 het eerste klimaat-neutrale continent te maken. Wat op tafel ligt, is een routekaart met daarin de hervormingen die de EC de komende maanden en jaren in wetgeving wil omzetten. In deze nota geven we een overzicht van deze maatregelen, financieringsbronnen, het beheer en een eerste syndicale analyse.

Belangrijkste actiepunten Green Deal

  1. Een klimaatneutraal Europa
  • In 2050 netto uitstoot van broeikasgassen tot nul herleiden (niet meer uitstoten dan verwerkt of opgeslagen kan worden). Vastlegging in een klimaatwet die al in maart 2020 wordt gelanceerd.
  • Concreet betekent dit een verhoging van de doelstelling tot vermindering van de broeikasemissies van 40 naar 50 à 55% tegen 2030.
  • Alle bestaande regelgeving zal worden herzien om ze in lijn te brengen met de nieuwe doelstelling, te beginnen met richtlijnen rond hernieuwbare energie, energie-efficiëntie en emissiehandel (met o.a. een uitbreiding naar luchtvaart, scheepvaart, gebouwen). De EC engageert zich om voor juni 2021 een tekst voor te stellen.
  • Bijzondere aandacht hierbij voor staal, cement en textielindustrie. Deze sectoren zouden tegen 2030 tot een CO2 neutrale productie moeten kunnen komen.
  1. Circulaire economie
  • maart 2020: presentatie van een nieuw actieplan voor circulaire economie, als onderdeel van een bredere industriële strategie van de EU. Focus op materiaalvermindering, hergebruik en recyclage.
  • Ambitie tegen 2030: alle verpakking herbruikbaar of recycleerbaar.
  • Consumenten moeten het “recht op reparatie” kunnen krijgen.
  1. Renovatie van gebouwen: momenteel wordt slechts ongeveer 1% van het huizenbestand jaarlijks gerenoveerd. Dit moet ten minste verdubbelen, met nadruk op energie-efficiëntie en sociale woningbouw.
  1. Nul vervuiling tegen 2050: ‘vervuilingsvrije omgeving’ bereiken. Nieuwe initiatieven daar omvatten een chemische strategie voor een ‘gifvrije omgeving’.
  1. Ecosystemen en biodiversiteit: nieuwe biodiversiteitsstrategie in maart 2020, omvat maatregelen om bodem- en waterverontreiniging aan te pakken, evenals een nieuwe bosstrategie, nieuwe etiketteringsregels om landbouwproducten zonder ontbossing te bevorderen.
  1. Farm to fork-strategie: strategie, ook voorzien voor het voorjaar 2020, gericht op systeem van “groene en gezondere landbouw”. Dit omvat plannen om “het gebruik van chemische pesticiden, meststoffen en antibiotica aanzienlijk te verminderen”
  1. Transport
  • Wetgeving rond uitstootnormen voor auto’s en bestelwagens zal tegen juni 2021 opnieuw herbekeken worden om te komen tot een emissievrij wegvervoer vanaf 2025.
  • Aanmoediging elektrische voertuigen, doelstelling: één miljoen openbare oplaadpunten in heel Europa tegen 2025.
  • Capaciteit spoor en binnenvaart moet verhoogd worden: voorstellen tegen 2021
  • Beperking toegang vervuilende schepen tot havens + verplichting tot walstroom
  • Vrijstellingen op brandstofheffingen voor luchtvaart en maritieme sector zullen herbekeken worden.
  1. Onderzoek en ontwikkeling: 35% van de middelen van het Horizon 2021-2027 programma zal gebruikt worden voor initiatieven in het kader van de Green Deal. Dit gaat over 35 miljard euro over zes jaar.
  1. Initiatieven op vlak van externe betrekkingen
  • Diplomatieke inspanningen van de EU worden ingezet ter ondersteuning van de Green Deal.
  • EC stelt dat ze haar gewicht zal gebruiken om internationale normen tot stand te brengen die in overeenstemming zijn met de ambities van de EU op het gebied van milieu en klimaat.
  • Er wordt geopperd om een CO2-grensbelasting te heffen, “wanneer ambitieverschillen met de rest van de wereld blijven bestaan.”
Financiering & inspraak

  • Europese Commissie stelt dat er tussen nu en 2030 ruwweg één biljoen (1.000 miljard) euro gemobiliseerd zal worden. In grote lijnen zat dit op volgende manier gefinancierd worden:
  • 503 miljard uit de Europese meerjarenbegroting (25% van alle fondsen worden gedirigeerd naar de Green Deal).
  • Een nationale cofinanciering (financiering vanuit bestaande toegewezen fondsen) van 114 miljard euro.
  • InvestEU programma (in feite een verderzetting van het Juncker investeringsplan) zal 279 miljard euro financieren. Het multiplicatoreffect dat hier voorzien wordt door de privé is (onrealistisch) hoog.
  • 25 miljard zou de EU zelf moeten halen uit inkomsten van de veiling van emissierechten. Verder denkt ze nog na over een heffing op niet-recycleerbaar plastic verpakkingsmateriaal.
  • Er wordt een Mechanisme voor Rechtvaardige transitie De middelen hiertoe komen uit bovenstaande fondsen en bedraagt 100 miljard euro voor de komende 6 jaar. Het Mechanisme bestaat uit drie pijlers:
  • Fonds voor rechtvaardige transitie: inleg vanuit de meerjarenbegroting van 7,5 miljard euro + verplichte inbreng door lidstaten vanuit eerder toegewezen fondsen, voor de periode 2021-2027. Dit zal zich richten op omscholingsprogramma’s, banen in nieuwe economische sectoren of energie-efficiënte huisvesting in regio’s die het meest afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen. België zou via dit fonds slechts over 68 miljoen euro over een periode van 6 jaar beschikken (max. 300 mio indien de eigen toeleg uit andere fondsen wordt meegerekend.).
  • InvestEU-faciliteit: regeling om 45 mia aan investeringen te mobiliseren door 1,8 miljard euro uit de meerjarenbegroting ter beschikking te stellen.
  • Leenfaciliteit voor overheden bij de Europese investeringsbank: o.a. voor investeringen in energie en vervoersinfrastructuur (25 mia)
  • Hiernaast zullen nationale begrotingen zullen gepushed worden in de richting van de Green deal en in dat licht ook worden beoordeeld in de jaarlijkse begrotingscyclus. Systeem van staatsteun wordt hervormd. Lidstaten zullen opgeroepen worden om hun fiscaliteit aan te passen in de richting van vergroening.
  • Het plan maakt melding van de noodzaak van een “actieve sociale dialoog om te anticiperen op veranderingen en deze in goede banen te leiden.” Nationaal beleid op dat vlak zal worden gecoördineerd via het Europees semester.
Besluitvormingsproces

  • Het spreekt voor zich dat de initiatieven in het kader van de Green Deal aan praktisch alle sectoren en beleidsdomeinen raken. Frans Timmermans is als eerste vicevoorzitter van de commissie verantwoordelijk en coördineert. De vijf Commissarissen verantwoordelijk voor Energie, Transport, Landbouw, Milieu en Gezondheid en voedselveiligheid rapporteren aan Timmermans.
Syndicale analyse

  • Globaal staan we achter de filosofie van de Green Deal, maar de aanwezigheid van het sociale aspect zal centraal staan in onze evaluatie. De krijtlijnen van de Green Deal sluiten aan bij onze ideeën over een eco-solidair groeimodel. Het is echter afwachten of het hoge ambitieniveau ook in concrete beleidsmaatregelen omgezet kan worden. En of de voorgestelde beleidsmaatregelen voldoende zijn om de doelstellingen van Parijs te behalen, valt nog af te wachten. We zullen het respect voor de timing van de verschillende beleidsmaatregelen nauwgezet in het oog moeten houden.
  • Cruciaal in het geheel is voor ons het concept van ‘Just Transition’. In de eerste plannen van de commissie vinden we dit principe terug. Dit is positief. Het is uiteraard noodzakelijk dat dit ook in de verdere uitwerking van de plannen - de komende maanden en jaren – geconcretiseerd wordt. Just transition mag geen hol principe blijven. Een Green Deal die geen rekening houdt met de kwaliteit van jobs of de vaardigheden van werknemers is voor ons geen piste. Hoe sociale partners formeel worden betrokken in het besluitvormingsproces is nog onduidelijk, het is noodzakelijk dat dit zowel op sectoraal als interprofessioneel niveau gebeurt, zowel op nationaal als Europees niveau.
  • Als vakbonden worden we wel via het Europees semester geconsulteerd over macro-economische hervormingen. De maatregelen van de Green Deal zullen in het Europees semester worden ingevoegd, wat ons een mogelijkheid geeft om zicht te hebben op de maatregelen. Ook moeten we er op nationaal niveau (via de geijkte consultatiekanalen) over waken dat de principes van de Just transition gerespecteerd worden.
  • Er zijn zware investeringen nodig om de Green Deal te concretiseren. We moeten erover waken dat op het nationale niveau geen publieke middelen, die bestemd zijn voor de sociale zekerheid of bestaande publieke voorzieningen, worden verschoven naar initiatieven voor de Green Deal. Het is de vraag of het bestaande budgettaire kader voldoende ruimte laat voor deze investeringen. Aanpassingen zullen noodzakelijk zijn. De teksten van de Green Deal maken een opening naar een aanpassing van het budgettaire kader , zodat groene investeringen soepeler behandeld worden. We hebben altijd gepleit voor een Golden Rule die strategische publieke investeringen uit het strikte Europese begrotingskader haalt, dit kan een stap in de goede richting zijn, hoewel de teksten nog zeer vaag zijn op dit vlak.

  • Welke rol zal de ECB spelen? Vele miljarden uit het QE programma[1] zijn sinds 2015 in financiële luchtkastelen gepompt. Een verschuiving naar duurzame investeringen in de reële economie is noodzakelijk.
  • Het is positief dat de EU op internationaal handelsvlak gaat voor een “level playing field”. Maar dit mag niet enkel gelden voor milieu of klimaataspecten. Landen of continenten die geen vooruitgang willen maken op het vlak van sociale rechten moeten ook een halt toegeroepen kunnen worden aan de grenzen.
  • Een herziening van de emissierichtlijn is noodzakelijk. Ondanks de verstrenging van het systeem krijgen – zeker in België – te veel bedrijven gratis emissierechten om hun competitiviteit op de internationale markten niet te schaden. Dit verlaagt de druk om duurzame investeringen uit te voeren. In dat opzicht zijn we voorstander van een CO2-grensbelasting. Het concept beschermt Europese werkgelegenheid en versnelt de evolutie naar een duurzaam groeimodel. Bedrijven zullen immers belast worden wanneer ze goederen willen invoeren in de EU die CO2 intensief zijn geproduceerd. In combinatie met het afschaffen van gratis emissierechten zou dit wél leiden tot investeringen in CO2 reductie en zou de mondiale competitiviteit van Europese bedrijven beschermd blijven.
  • Op Belgisch niveau werken we momenteel aan een update van de productiviteitsverklaring (verklaring waarin de sociale partners vastleggen dat productiviteitswinsten na de tweede wereldoorlog rechtvaardig verdeeld moesten worden), we zullen de principes van Just transition ook hierin verwerken.
  • We hebben de laatste maanden vast kunnen stellen dat het ambitieniveau op Belgisch federaal en regionaal niveau erg laag is. Wij pleiten daarom voor dringend sociaal overleg op alle niveaus over hoe onze overheden de implementatie van de Europese klimaatwet (voorzien maart 2020) zien. Er is dringend een debat nodig over welke plek de sociale dialoog in dit transitieproces krijgt en welk arbeidsmarkt beleid hieraan gekoppeld wordt.
  • Binnen het ABVV zal de uitrol van de Green Deal besproken worden binnen de Europese Cel en de Commissie Economie.
 




[1] Proces waarbij de Europese Centrale Bank sinds 2015 miljarden aan staatsobligaties opkoopt bij financiële instellingen, waardoor deze instellingen extra financiële middelen ter beschikking krijgen. Deze middelen zouden in principe in de reële economie moeten terechtkomen, wat in de meerderheid van de gevallen niet gebeurt.