Op onze website schrijven onze delegees regelmatig over hun syndicaal leven: wat ze doen, hoe ze zich inzetten, wat ze denken, wat ze zien. Recent was er het verhaal van onze delegee bij Honda Gent, Rudy Hamelinck. Zijn blog gaat over bedrieglijke schijn en over ongelijkheid op de werkvloer. Hij slaagt erin om de wereld van vandaag in één verhaal, in één beeld uit te leggen: twee mannen in het wit, zo gelijk, zo verschillend.

Op 7 oktober was het de wereldwijde actiedag tegen precair werk. Een precarisering die niet afneemt. Integendeel. Ook bij ons niet. Denk maar aan de flexi-jobs, de tijdelijke werkkrachten, de jongeren die geen loopbaan van de grond krijgen, de ouderen die overtollig zijn verklaard, de werkende armen, interimmers met weinig zicht op beterschap... Zo ontstaat een werkende klasse die permanent in onzekerheid leeft. Onzekerheid die ziek maakt: recent onderzoek toonde nogmaals aan dat economische bestaansonzekerheid lijdt tot meer fysieke pijn (hoe hoger de kans dat een huishouden te maken heeft met werkloosheid, hoe hoger de consumptie van pijnstillers). Onzekerheid die ook bang maakt: bang om opnieuw werkloos te worden, niet rond te komen, de dokterskosten niet te kunnen betalen, niet voor familie/kinderen te kunnen zorgen...

Mensen worden bang met alle gevolgen van dien. Onderzoekers van de Gentse Universiteit hebben gegevens van de European Social Survey (ESS) geanalyseerd op het verband tussen werkloosheid en latere levenstevredenheid. Wat blijkt? Wie werkloos geweest is, heeft een blijvende lagere levenstevredenheid. Ook als je daarna weer werk gevonden hebt, blijft er een litteken achter. Dat komt o.a. omdat werkloos geweest zijn de angst vergroot dat nog een keer te worden. Als je kijkt naar de groep van jongeren (25 tot 34 jaar), dan zie je dat de gehele achteruitgang van levenstevredenheid kan worden beschouwd als een gevolg van werkloosheid. Werkloos geweest zijn op jonge leeftijd verlaagt het welzijn door de toegenomen angst voor herhaling. Uit de analyses voor de gehele steekproef, dat wil zeggen voor alle 25- tot 69-jarigen, blijkt dat dat litteken blijft. Mensen zijn angstiger geworden. Zelfs zonder die vrees om weer werkloos te worden, is de levenstevredenheid blijvend lager.

Zo ontstaat er een bestaansonzekere generatie of klasse. En het erge is dat we geen regering hebben die dat probeert tegen te gaan, maar net eentje die er haar handelsmerk van wil maken. Van de 70.000 jobs die de regering gecreëerd heeft, zijn er slechts 7000 voltijds, al de rest is deeltijds, tijdelijk en onderbetaald. En ze volhardt in de boosheid: deeltijds werk wordt gemakkelijker gemaakt, nachtwerk versoepeld, zwangere vrouwen moeten langer werken, langdurig zieken sneller aan de slag, wie lang werkloos is, verliest pensioenrechten en men bespaart op de welvaartsenveloppe voor uitkeringen. Want voor Michel I vindt iedereen werk, als hij maar een niet te hoog loon wil.

De regering-Michel I wil de bestaansonzekerheid van de mensen niet minimaliseren, nee ze wil ze rekken tot een nog net aanvaardbare ondergrens. Bestaanszekerheid is geen collectief recht, nee het is een privérecht: wie het wil, moet ervoor vechten.

Herwig Jorissen
Voorzitter