Bij het afsluiten van het nationaal akkoord voor de sector van de metaalhandel op 27 juni 2017 hadden we als sociale partners afgesproken om een sectoraal model werkbaar werk te ontwikkelen en initiatieven te nemen om de instroom van arbeiders te stimuleren. Na maanden van veelvuldig overleg zijn we er na een jaar en één dag in geslaagd om tot een evenwichtig akkoord te komen. In de garage- en koetswerksector werd reeds een deels gelijkaardig akkoord bereikt in maart 2018. Wat betekent dit nu concreet voor de arbeiders in PsC 149.04?

Op sectoraal vlak willen we goed opgeleide arbeiders die in kwalitatieve omstandigheden werken en rollen we een beleid uit dat steunt op drie pijlers:
- het verbeteren van de instroom door aangepaste opleidingsconcepten uit te werken, o.a. het triaal leren en door het inzetten op goed en duurzaam werkgeverschap;

- het voorkomen van (vroegtijdige) uitstroom door werkbaarheidsmaatregelen uit te werken;

- het begeleiden van de niet voorkomen uitstroom.

Inzetten op betere instroom

Voor ABVV-Metaal was het van bij de start belangrijk dat de arbeiders en de anticipatie op de veranderde realiteit centraal zouden komen te staan. Door de schaarste aan technische profielen moeten voor ons ook andersgeschoolden een kans krijgen. Om de klanten te helpen worden de actieve arbeiders nu overbevraagd met veel overuren, stress en onvoldoende kansen op bijscholing tot gevolg. Dat maakt de job ook voor jonge arbeiders op termijn onwerkbaar. Nieuwe aanwervingen zorgen voor een herverdeling van jobs en een daling van schadelijke overflexibiliteit. Aanwervingspremies zonder verbintenis vinden we onnodig, er is al een veelvoud aan incentives aangeboden door de overheid. Vandaar dat we hebben aangedrongen op de terugbetaling van effectief gevolgde opleidingen. Dan komen eindelijk ook de arbeiders die nu weinig kansen krijgen aan bod. En jongeren kwaliteitsvol begeleiden dat zit in ons ABVV-Metaal-DNA... Vandaar onze eis dat elke onderneming op korte termijn zal beschikken over geschoolde trainers om in de toekomst jongeren in een traject van ‘triaal leren’ (duaal leren in een regie van de sector) alle slaagkansen te bieden.

Arbeiders die zich in hun steeds langer wordende carrière willen heroriënteren krijgen recht op loopbaangesprekken met de werkgever. Is de arbeider van zin om zich professioneel te laten begeleiden bij die vraagstelling van een eventuele heroriëntering, dan opent hij/zij recht op terugbetaling van de bij de VDAB bestelde loopbaancheques ten laste van het sociaal fonds. Wil hij/zij vanaf 58 jaar in overleg een andere functie in een ander arbeidsregime of peter worden van instromers, dan wordt een deel van het eventuele loonverlies eveneens bijgepast door het FBZ. Vanaf 60 jaar kan in overleg met de werkgever overgestapt worden naar een 4/5-tewerkstelling, ook met een compensatie van het verloren loon.

Werkbaarheidsmaatregelen

Op ondernemingsvlak zullen werkgevers en werknemers in overleg onderzoeken welke maatregelen ze kunnen nemen om de werkbaarheid te verhogen. Om de ondernemingen en hun vakbondsafgevaardigden daarbij te ondersteunen, zal EDUCAM (het sectorale vormingsfonds) een toolbox ontwikkelen met praktische instrumenten. Elke onderneming zal gratis kunnen deelnemen aan twee peterschapsopleidingen. Nieuwe arbeiders in de sector kunnen 5 dagen gratis vorming volgen. De gratis opleiding moet de werkgevers overtuigen om werknemers die niet het exacte profiel hebben toch een kans te geven, terwijl de aandacht voor werkbaarheid en de opleidingskansen nieuwe werknemers zal aanmoedigen om voor de sector te kiezen.

Begeleide uitstroom

En omdat we de laatste jaren door de aanvallen op SWT-systemen een aanzienlijke toename vaststellen van arbeiders die noodgedwongen in invaliditeit belanden, hebben we de aanvullende uitkering voor oudere zieken vanaf 55 jaar met meer dan 30 % verhoogd naar 8 euro per dag.

Educam als centrale spil

Last but not least wordt de rol van ons sectoraal loopbaanfonds Educam verankerd en versterkt als centrale actor tussen onderwijs, zij-instroom, werkgevers en werknemers.

Alles bij mekaar is dit akkoord niet wereldschokkend maar wel goed doordacht en een moderne aanzet tot overleg op ondernemingsvlak met een sterke sectorale ondersteuning. We geven veel aandacht aan de kwaliteitsvolle instroom van jongeren, aan de actieve arbeiders die nu onvoldoende vormingskansen krijgen, en we geven ook nieuwe kansen aan diegenen die dreigen uit de boot te vallen. Met de blik vooruit en de handen en voeten in de dagelijkse realiteit handelen we in het belang van onze leden.