In gesprek met ... Mustafa Rahmuni

Ik ben Rahmuni Mustafa en hoofddelegee bij VAB. Als kind ben ik altijd tegen onrecht en voor rechtvaardigheid opgekomen. Op school kwam ik op voor de medeleerlingen die verbaal niet sterk waren en tegen de pesters. Dezelfde rol speel ik nu op de werkvloer. Ik spring in de bres voor mijn collega’s en voor sociale rechtvaardigheid.

Bij VAB hebben wij een team van ABVV-militanten en -kameraden die maandelijks bijeenkomen om de punten te bespreken waarmee we collega’s kunnen helpen. Vaak komt het erop neer dat ze steeds moeten vechten om hun verworven rechten te behouden.

Ook het eenheidsstatuut is nog altijd niet afgerond. Het onderscheid tussen arbeiders en bedienden zit erin gebakken. Bij VAB is de kloof groot geworden door de invoering van het cafetariaplan en nog andere voordelen, zoals groepsverzekering die voor de bedienden bijna het dubbele bedraagt dan voor de arbeiders.
Wij zullen deze ongelijkheid blijven bestrijden.

De vakbond is meer nodig dan velen denken. Zeker met de verrechtsing van de maatschappij, waarbij het grootkapitaal het voor het zeggen heeft en waarbij de lonen on hold worden gezet door de indexsprong en de pensioenleeftijd wordt verhoogd. Het moderne management heeft enkel oog voor cijfers en grafieken en als zij verkeerde beslissingen nemen, moeten de arbeiders het bekopen. Jaarlijks moeten de winsten stijgen, zo niet zal men in de budgetten van de werknemers snoeien.

Daarom wil ik samen mee opstaan met mijn kameraden voor sociale rechtvaardigheid
en gelijkheid.

Mustafa Rahmuni
Hoofddelegee bij VAB