In gesprek met ... Erik Maes.

Regelmatig denk ik wel eens terug aan de tijd voordat onze ploeg syndicaal actief was binnen ons bedrijf. Niet om de collega's van de andere vakbonden te verwijten, maar de syndicale werking en het sociale overleg op het bedrijf stelden vroeger niet veel voor. Op het comité werd besproken welke lamp waar vervangen moest worden, in de ondernemingsraad waar de drankautomaat wel of niet geplaatst zou worden en de syndicale delegatie werd enkel bijeengeroepen wanneer de werkgever daar zin in en voordeel bij had.

Antisyndicaal klimaat

Zoals al gezegd, wil ik hiermee geen enkele collega van de andere vakbonden iets voor de voeten werpen. Uit ervaring wisten we dan ook allemaal dat onze toenmalige werkgever zo weinig mogelijk met eender welke vakbond te maken wilde hebben, kritische vragen of opstellingen werden steevast met een scheldkanonnade beantwoord.

Augustus 2007. De toenmalige directie verkocht alle aandelen in het bedrijf en liet de boel de boel. Van de ene op de andere dag kregen we te maken met een totaal nieuwe directie die in eerste instantie liefst niets wilde veranderen aan de sociale verhoudingen binnen het bedrijf.

Tijd voor verandering

Oktober 2007. Na de zoveelste aankondiging dat we allemaal wat sneller en flexibeler moesten werken, liep de emmer over. Voor de eerste keer in het bestaan van ons bedrijf brak er een spontane staking uit. We hadden er genoeg van, het was tijd voor verandering. Na het tussenkomen van de secretarissen werd overeengekomen dat alle problemen één voor één aangepakt zouden worden binnen het sociaal overleg.

Omdat ABVV-Metaal wel een mandaat had in de SD, maar de persoon die het invulde in 2006 was vertrokken, stelde onze secretaris mij de vraag of ik het SD-mandaat wilde invullen tot aan de volgende verkiezingen in 2008. Zonder twijfel maar met een bang hart besloot ik om op het aanbod in te gaan. Want in het bedrijf waren heel wat ABVV-Metaal-leden die geen aanspreekpunt hadden en dat begon meer en meer te frustreren.

De volgende maanden waren de collega's van de andere vakbonden en ikzelf dagelijks bezig met besprekingen over hoe we dingen zouden aanpakken, met vergaderingen met de werkgever,... Ondertussen moesten er ook kandidaten voor de sociale verkiezingen gezocht worden, moest er een campagne worden uitgewerkt en gevoerd.

D-day

Mei 2008. Uit het niets behaalde onze fractie vier van de vijf zetels in de ondernemingsraad, drie van de vijf zetels in het comité en twee mandaten in de syndicale delegatie. Met zulk een duidelijk mandaat van onze collega's konden we aan het echte werk beginnen. Nu bijna zeven jaar later kijken we met onze ploeg tevreden terug op de behaalde resultaten. Zo sloten we net voor de zevende maal een CAO 90 af, zetten we een functieclassificatie op poten die een einde maakte aan de vroegere willekeur, optimaliseerden we binnen het CPBW de veiligheid in ons bedrijf, hebben we een ruime dienstverlening uitgebouwd voor onze collega's, informeren we onze collega's op regelmatige tijdstippen via allerlei kanalen, ...

Hobbelige weg

Dit alles is zeker niet van een leien dakje gelopen, we hebben en moeten er nog steeds hard voor werken, en ja soms botsen we al wel eens tegen een muur en zakt de moed ons al wel eens in de schoenen. Maar als we dan terugkijken vanwaar we komen, wat we al gerealiseerd hebben en de dankbaarheid van onze collega's ervaren als je ze kunt helpen, dan beseffen we dat het al de moeite en al onze tijd en frustraties meer dan waard is.

Bij deze dan ook een dikke merci aan onze hele syndicale ploeg en in het bijzonder aan mijn immer trouwe compagnon Fonske en onze secretaris Patrick Elsen. Op hem kunnen we steeds rekenen voor raad en daad.

Samen sterk, kameraden!

Erik Maes
Hoofddelegee Alural