Het zijn alweer drukke tijden ten huize ABVV-Metaal. De winterperiode is goed en wel achter de rug, en het lijkt wel of de thermometer op alle vlakken ineens de koortstemperatuur heeft bereikt. We spraken met Georges De Batselier, voorzitter van ABVV-Metaal, die nu al meer dan een jaar aan het hoofd van metaalcentrale staat, en die – gelukkig maar – het hoofd koel houdt.

De agenda, Georges, staat ineens alweer goed gevuld?

Dat is ook zo. Er is een algemeen gezegde dat het beter is om je agenda vooraf wat zuurstof te geven, dan dat je hem achteraf moet reanimeren. In deze periode is het inderdaad juist belangrijk om een gezond evenwicht te bewaken. Er zijn verschillende thema’s en dossiers die tegelijk aan de orde zijn. We hebben de acties rond koopkracht, rond milieu, de besprekingen van het interprofessioneel akkoord en alle deeldossiers daarmee verbonden, de opstart van de sectorale onderhandelingen en de voorbereiding van de eisenbundels in de geledingen. Al deze dossiers zijn allemaal zonder uitzondering belangrijk voor ons als vakbond, en voor de werknemers die we vertegenwoordigen.

Wordt klassiek niet gezegd dat die interprofessionele onderhandelingen niet zo belangrijk zijn voor de sectoren?

Ja, soms hoor je dat wel eens, maar dat is niet juist. Vaak worden er in het IPA afspraken gemaakt over de werkloosheid, de pensioenen, loopbaanonderbrekingen, elementen die gelden voor alle sectoren, en zeker ook voor diegenen die niet (meer) in een sector werken, de niet-actieven. Je kunt onmogelijk het belang overschatten van een basisafspraak om een minimumloon of een minimumvergoeding van de sociale zekerheid op te trekken, ook al heeft dat niet onmiddellijk een weerslag op de werknemer in een sector. Het zijn net die maatregelen die kunnen helpen om bijv. de armoedegrens op te trekken, die zorgen voor de zogenaamde basis-solidariteit tussen iedereen, werkenden en niet-werkenden.

Maar had het ABVV niet tegen het IPA gestemd?

Het ABVV is een democratische organisatie, waarbinnen elke stem belangrijk is en gerespecteerd wordt. Als ABVV-Metaal vonden we het IPA net voldoende, terwijl de som van alle geledingen binnen het ABVV het net onvoldoende vond. Er was geen discussie over de tekst, noch over de lezing van één of ander artikel, iedereen had het over hetzelfde, en toch waren er verschillende conclusies, verschillende prioriteiten. Nu, begrijp me niet verkeerd: ook voor ABVV-Metaal kreeg het ontwerp van IPA een onvoldoende inzake koopkracht en minimumlonen. Maar we zijn blijven pleiten voor een serieuze verhoging van de lonen en de koopkracht, tegen de huidige versie van de loonnorm, en zijn blij dat we onze verantwoordelijkheid kunnen nemen bij het uitvoeren van het solidariteitsluik, met duidelijke regels over SWT, landingsbanen en hogere tussenkomsten bij woon-werkverkeer. Dit alles wordt nu trouwens omgezet in de praktijk, en de bespreking van de lonen kent nog een vervolg. Tegelijk praten we in de sectoren voor een akkoord op maat van de werknemers.

Dus het sociaal overleg is niet dood?

Verre van. In de ondernemingen, in sectoren en daarboven wordt hard gewerkt om samen vooruit te gaan. Dit werkt meestal wel, en slechts af en toe niet. Dat onderhandelaars vaak letterlijk elk aan één kant van de tafel zitten hoeft niet slecht te zijn; ieder heeft zijn achtergrond, zijn achterban. Maar zolang de doelstelling dezelfde is moet je over veel dingen kunnen spreken; en vaak lukt het om een gewogen gemiddelde te vinden, een passende oplossing. Zo gaan we nu de sectorale onderhandelingen tegemoet met een open vizier, maar wel met duidelijke verwachtingen.

En wat zijn die verwachtingen?

Je hebt al afgeleid dat koopkracht een belangrijke is, maar werkbaar werk is dat evenzeer. Behoud van jobs, goeie vorming en opleiding, sterke partners. Details gaan we bespreken rond de tafel, maar alle klassiekers zijn er, aangepast aan onze industriële omgeving die snel verandert.

Wat is er nodig om die verandering goed te laten verlopen?

Vertrouwen en een gezamenlijke visie op de ontwikkeling van onze maatschappij. We staan erg kort bij de politieke verkiezingen. Het is duidelijk dat de afgelopen regeerperiode, met of zonder regering, met of zonder meerderheid, niet alle politieke partijen onze visie op de samenleving deelden. De rechtse regeringspartijen gaven te veel autonomie aan het hogere en rijkere deel van onze maatschappij, ten koste van de rest van de bevolking. Wat ons betreft moet dat anders. Ook hier moet de solidariteit de basis blijven. Als we samen willen leven, dan mag je geen tegenstellingen creëren, geen onevenwichten. Want ook dan komt er een moment waarop je gaat moeten reanimeren. Daarom motiveren wij ook zoveel mogelijk mensen om verstandig te kiezen, verstandig en dus progressief. Om mee op te staan en verantwoordelijkheid te nemen.

Mee opstaan?

Graag. We concentreren ons nu op de sectorale onderhandelingen, en tegelijk houden we een oog open naar de politieke evoluties, maar over een jaar zijn er ook alweer sociale verkiezingen, met procedures die opstarten na de zomer. Tegen dan staan we alweer op ons scherpst. Tegen dan vragen we de arbeiders uit de sectoren om mee op te staan, de rug te rechten, en te zeggen: ik ben militant van het ABVV, en ik ben kandidaat. Sta mee op, en geef je stem. Want wij zorgen ervoor dat werknemers het respect krijgen dat ze verdienen.