de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

In gesprek met... Voorzitter Herwig Jorissen

De eisenbundels in nagenoeg alle sectoren zijn klaar. De sectorale onderhandelingen kunnen nu beginnen. Wat kunnen de werknemers verwachten van de op stapel staande onderhandelingen? Op de vloer zijn de verwachtingen hoog, omdat de mensen eindelijk weer eens een koopkrachtverhoging willen. En met reden. België is het enige Europese land waar werknemers vorig jaar minder konden kopen met hun loon. Onze inkomens gingen door de index nog wel lichtjes omhoog, maar onvoldoende om de hoge inflatie op te vangen. Dat bleek afgelopen week uit een studie van het Europees Vakbondsinstituut (ETUI). Uit de studie blijkt dat de meeste Europese werknemers vorig jaar aan koopkracht hebben gewonnen. In een aantal Oost-Europese landen gaat het om stijgingen met meer dan 5 procent, in Frankrijk bleef de stijging beperkt tot 0,25 procent, in Duitsland ging het om +1,61 procent en in Nederland +2,28 procent. Enkel bij ons moeten de werknemers het met minder stellen: -0,94 procent.

De laatste jaren zijn de loonstijgingen in België een mager beestje. “Enkel in 2000 was er nog eens een stevige verhoging”, aldus Kurt Vandaele van het Europees Vakbondsinstituut.

Sinds 1996 leggen de vakbonden en werkgeversorganisaties binnen de Groep van 10 de maximale marge voor loonstijgingen vast. Het Interprofessioneel Akkoord (IPA) voor 2017-2018 voorziet in een mogelijke stijging van de koopkracht met 1,1 % in brutoloon, die komt bovenop de indexering en de baremieke verhogingen.

Deze loonmarge moet nog worden ingevuld op sectoraal vlak. Anders gezegd: noch de 1,1 procent, noch de invulling (waarvoor ze wordt gebruikt) is automatisch verworven. Ze moet onderhandeld worden in elke sector afzonderlijk. En de marge van de 1,1 procent is enkel een maximumgrens, meer niet.

Geen enkele onderhandelaar wil de verzuchtingen van de werknemers temperen. Maar de marge van 1,1 procent bruto is ook maar wat het is. De mensen willen koopkracht. Maar ze ervaren op de werkvloer ook andere problemen. Werkbaar werk is daar zeker één van. Als de werknemers van Volvo het werk neerleggen, omdat de werkdruk onhoudbaar wordt, dan doen ze dat niet voor het plezier, maar wel omdat het een probleem is. En wat voor de arbeiders van Volvo geldt, geldt voor heel wat werknemers in onze bedrijven. In onze eisenbundels wordt er dan natuurlijk ook aandacht besteed aan eisen om de kwaliteit van de loopbaan te verbeteren, om werkbaar werk te bevorderen,... Maar we weten ook dat de patroons alles zullen willen aanrekenen op de loonmarge.

Binnen de metaalsectoren worden de onderhandelingen rigoureus voorbereid. De voorbije weken kwamen de technische comités voor de verschillende sectoren samen om onze eisen te bespreken. Ook werd met ACV METEA, MWB en ACLVB samengezeten om een gemeenschappelijke eisenbundel op te stellen. En er werd maximaal overlegd met BBTK om de eisen van de arbeiders en de bedienden op elkaar af te stemmen. Met de werkgevers werd nu een onderhandelingskalender afgesproken. Op de volgende vergaderingen van de paritaire comités worden de gemeenschappelijke eisenbundels aan de werkgevers overhandigd. En dan kan het beginnen.

Voor ABVV-Metaal is daarbij een maximale koopkrachtverhoging eis nummer één. Dat mogen de werknemers alvast zeker verwachten. En ABVV-Metaal zal er alles aan doen opdat de werknemers dat ook zullen krijgen. #VakbondInActie ook aan de onderhandelingstafel.

Herwig Jorissen
Voorzitter

Volg de stand van zaken op onze website, via onze nieuwsbrieven of hoor bij je delegee of secretaris voor de meest recente info.


Herwig Jorissen
Voorzitter