de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

In gesprek met... Voorzitter Herwig Jorissen.

Een bijzondere ondernemingsraad, een botte korte mededeling en 2200 mensen staan op straat. Met de toeleveranciers nog eens zovele duizenden extra. De naam is nu Caterpillar. Vier jaar geleden was het Ford. Andere spelers, zelfde verhaal.

En de politieke reacties zijn al even voorspelbaar: de grote verontwaardiging, men zal de directie ter verantwoording roepen, men zal onderzoeken of subsidies teruggevorderd kunnen worden,... maar aan de poorten in Gosselies speelt hetzelfde als aan de poorten in Genk. Daar heerst de wanhoop van duizenden mensen die hun leven hadden ingericht in functie van hun job en die op zoek moeten / moesten gaan naar werk in een regio met torenhoge werkloosheidscijfers.

Vier jaar geleden richtte een emotionele Meryame Kitir (sp.a) zich tot de premier en vroeg hem: “En nu, mijnheer de premie? Het is niet het moment om valse hoop te geven. Het is het moment om te doen wat we moeten doen om de mensen van Ford Genk weer een toekomst te bieden.” Erg is dat we diezelfde vraag weer moeten stellen alleen aan een andere premier. “En nu?” Zelfde verhaal, andere spelers.

Toen schreven we naar aanleiding van Ford over “de dwingende noodzaak van een beleid dat onze industrie redt. Want we zullen onze industrie niet redden door ons uitsluitend te concentreren op het bestaande. (...) Willen we een toekomstgerichte industrie, dan moeten we niches determineren die kaderen binnen een duurzame economie en alles op alles zetten om deze aan te trekken, te ontwikkelen en bevorderen (onderzoek via universiteiten, gerichte ondersteuning, innovatie,...).”

Datzelfde verhaal, dezelfde oproep kunnen we letterlijk herhalen. Want de maakindustrie, basis van onze welvaart, wordt kleiner en kleiner. Vijftig jaar geleden werkten nog één op drie Belgen in de industrie, nu is dat, volgens ‘het Instituut voor de Nationale Rekeningen’, nog slechts één op acht. We beseffen nu wel dat we niet zonder maakindustrie kunnen. Al zal het een andere maakindustrie zijn dan deze die we vandaag kennen. Een gespecialiseerdere industrie die nood zal hebben aan anders opgeleide werknemers. Zo’n switch moet voorbereid worden en komt niet vanzelf. Punch Powertrain, in hetzelfde Limburg van Ford, bewijst dat we dat kunnen. Dat bedrijf heeft ingezet op innovatie, op toekomstgericht denken en op zijn sterktes – goed opgeleide werknemers – en evolueerde zo van een sputterend automotive bedrijf naar een succesvolle fabriek van de toekomst.

Maar op het moment dat Caterpillar de deuren sluit en iedereen nog maar eens het belang van innovatie voor onze industrie onderschrijft, zijn voor het eerst sedert 2006, terwijl de economie groeide, de Vlaamse uitgaven voor Onderzoek & Ontwikkeling gedaald. In 2014 blijken bedrijven vooral bespaard te hebben op investeringen in innovatie. Als beloning zal minister Muyters de innovatiesubsidies hervormen.

Zulke kortzichtigheid zorgt ervoor dat we telkens opnieuw afstevenen op een nieuw ‘zelfde verhaal, andere spelers’. De uitdagingen zijn duidelijk. Maar diegenen wier ambities enkel reiken tot de volgende verkiezingen, zullen nooit het verschil maken. En dan zal de vraag ‘En nu?’ opnieuw een stille dood sterven aan de poorten van een van onze bedrijven.

Herwig Jorissen
Voorzitter