de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

In gesprek met ... Voorzitter Herwig Jorissen.

De Nationale Bank pakte onlangs uit met een sedert lang niet meer geziene goednieuwsshow. De lonen zullen stijgen in 2017 en - nog belangrijker - het aantal jobs zal in 2018 stijgen met 140.000. Een premier zou voor minder glimlachen. “De eerste resultaten zijn er”, zei premier Michel.

Maar premier Michel, die als de Rode Duivels de finale zullen spelen, ongetwijfeld naar Frankrijk zal trekken, moet eens opletten aan de slagbomen waar de treinen passeren. Daar kun je lezen ‘Attention, un train peut en cacher un autre!’. De trein van de goednieuwsshow verborg inderdaad een andere. De FOD Sociale Zekerheid constateerde immers dat de sociale ongelijkheid in ons land toenam. Dramatisch toenam.

De regering heeft de uitkeringen selectiever en degressiever gemaakt waardoor mensen sneller op een leefloon vallen en daarenboven heeft deze regering haar belofte niet waargemaakt om de sociale uitkeringen tot boven de armoedegrens te trekken. Niet dat iemand dat verwacht had, maar het gevolg is wel dat nog maar 48 procent van de mensen op actieve leeftijd die van sociale uitkeringen leven boven de armoedegrens getild worden (in 2007 was dat 56 procent). De bedoeling van die degressiviteit was om de mensen aan te sporen om sneller werk te vinden. Maar dan moet dat werk er wel zijn.

Het aantal jobs voor laaggeschoolden (veruit de grootste risicogroep) daalt echter. En sterker dan in andere landen. Van de laaggeschoolden in België werkte in 2007 nog 49 procent, acht jaar later was dat nog maar 44 procent. Terwijl de werkzaamheidsgraad voor de hooggeschoolden in België een van de hoogste van Europa is, scoren we met die van de laaggeschoolde bij de laagste.

Even alarmerend zijn de cijfers van de Europese statistiekendienst Eurostat. In onze steden leeft 28,4 procent van de bevolking, zo'n 908.000 personen, in armoederisico. Binnen de Europese Unie lopen alleen in Griekenland en Bulgarije meer stedelingen het risico om in armoede te vervallen.

Nochtans zijn experten het erover eens dat dit geen noodlot is waar niet aan te ontkomen valt. Waar we moeten op inzetten, zijn jobs voor lagergeschoolden zoals bijvoorbeeld in de recyclage-industrie en in de duurzame maakindustrie. Laat dat nu net de boodschap geweest zijn van ons laatste congres: ‘Naar een nieuwe industrialisering voor de metaalsector. Een kringloopeconomie binnen de context van duurzame ontwikkeling’. We moeten een bundeling maken van de kennis en de maakindustrie om de ongelijkheid tegen te gaan. Nu nog een regering die de moed heeft om niet alleen de rekening aan haar burgers te presenteren, maar ook een positief toekomstbeeld.

Herwig Jorissen
Voorzitter