de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

In gesprek met ... Voorzitter Herwig Jorissen.

In bijna al onze sectoren zijn inmiddels ontwerpakkoorden afgesloten. We hebben er goede hoop in dat voor het begin van de vakantie in de meeste, zo niet in alle, sectoren deze ontwerpakkoorden zullen goedgekeurd worden door of de syndicale raad of de betrokken technisch comités.

De grote krachtlijnen

De krachtlijnen van de verschillende ontwerpakkoorden zijn telkens gelijk. Eerst en vooral natuurlijk de minimale koopkrachtmogelijkheden zo maximaal mogelijk invullen en een verhoging van de bijdragen voor het aanvullend pensioen, goed wetende dat we bijzonder waakzaam moeten blijven inzake het gewaarborgd rendement.

Werkbare loopbanen

Maar daarnaast hebben we in alle sectoren getracht om verder te werken aan kwaliteitsvolle eisen en aan met name de uitdaging voor de werknemers van morgen: hoe zorgen we ervoor dat de loopbaan van onze werknemers werkbaar blijft?

Want werkbaar werk is niet iets voor 50-plussers alleen. Natuurlijk zijn we tevreden dat we zoals in PC 111 een extra dag loopbaanverlof hebben kunnen realiseren voor 50-plussers. Maar als volgens de Vlaamse werkbaarheidsmonitor bijna 30 % van de metaalwerknemers een problematische stress ervaart, dan is het duidelijk dat werkbaar werk niet over een eindeloopbaan gaat, maar over loopbanen in hun geheel. Het gaat niet op om de inhoud en de organisatie van het werk ongemoeid te laten en alles proberen te compenseren door wat meer vrijheid en verlof. Volgens een studie van de Stichting Innovatie en Arbeid helpt dat wel, maar kampt dan nog steeds 45 % met stress. De beste oplossing, volgens dezelfde studie, en waardoor mensen het beste hun job volhouden is door drukke jobs/loopbanen minder druk te maken. Het lijkt de evidentie zelf, maar waarom doen we het dan niet.

Een sectoraal model

Het Congres ABVV-Metaal opteerde “voor een sectoraal model “duurzaam werk(en)”, waarbij rekening zou gehouden worden met de hele loopbaan van de metaalwerknemer en waarbij de belastende arbeidsomstandigheden in kaart moeten gebracht worden (de fysische belasting van de job, bandwerk, nachtwerk, continu-arbeid, eentonig werk, de duur van de loopbaan, enz.). In functie van deze belastende factoren of de cumulatie ervan moeten de werknemers over de hele loopbaan toegang krijgen tot bepaalde faciliteiten, zoals terugkeer naar dagploeg, arbeidsduurvermindering, loopbaanbegeleiding, prioritair tijdskrediet enz...”

In het ontwerpakkoord van PC 111 staat wordt gekozen voor een sectoraal model, dat duurzame antwoorden bieden. Zelf hebben we een eerste aanzet gegeven dat natuurlijk verder moet uitgewerkt worden.

Van opleidingsfonds naar loopbaanfonds

Opleiding krijgen en bijscholing is een belangrijk onderdeel van werkbaar werk. Dat is een taak van onze vormingsfondsen. Maar ook de taak van onze paritaire vormingsfondsen moet herbekeken worden in functie van de nieuwe uitdagingen. Daarom staat er in het ontwerpakkoord van PC 111 dat onze vormingsfondsen op termijn moeten transformeren naar loopbaanfondsen. In onze congresresolutie stelden we dat “in de toekomst de vakbond de rol moet vervullen als hoeder van de levenslange loopbaan en arbeidsorganisatie van de werknemer (individueel en collectief)”. Die collectieve taak moeten we ook kunnen vormgeven middels onze opleidingsfondsen. Maar het is dan ook van belang dat deze fondsen uitgebouwd worden tot sterke paritair beheerde fondsen. Het is een noodzakelijke voorwaarde, waarvan we op korte termijn extra werk zullen maken.

Duurzame loopbanen, zinvol werk

De focus moet liggen op het geheel van de loopbaan van een werknemer. Want anders dreigt het gevaar dat werkbaar werk moet zorgen voor compensatie op het einde van de rit of een tijdelijke break ergen er tussen in. Dan zal professionele stress en burn-out een maatschappelijke probleem blijven.

Herwig Jorissen
Voorzitter

Congresresolutie