de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

Wie aan pensioensparen doet, moet belasting betalen op het bijeen gespaarde pensioenkapitaal, namelijk op het kapitaal dat je krijgt als je stopt met werken. De pensioeninstelling houdt deze belasting in op het ogenblik dat de verzekeringnemer of rekeninghouder 60 jaar wordt. Om het pensioensparen aan te moedigen, heeft de regering de belasting op uitgekeerde pensioenkapitalen nu verlaagd.

Van 10 % naar 8 %

Vóór 1 januari 2015 werd er een taks van 10 % geïnd op de reserves van levensverzekeringen en van spaartegoeden, opgebouwd in het kader van het pensioensparen.

Sinds 1 januari 2015 bedraagt deze taks nog slechts 8 %.

Versnelde inning

De regering gaat de taks op het langetermijnsparen van 10 %, op het tot 31 december 2014 opgebouwde kapitaal in het kader van het pensioensparen, wel versneld innen. Op die manier kan de overheid immers sneller aanspraak maken op deze inkomsten.

Gedurende 5 jaar, van 2015 tot 2019, zal er elk jaar 1% worden geïnd, tot een totaal bedrag van 5% is afgehouden van het opgebouwde kapitaal tot 31 december 2014. Het resterend bedrag van de taks wordt op de normale datum (60 jaar) geïnd, en verminderd van 5 % tot 3 % (resp. 10 % - 5 % en 8 % - 5 %).

Aanpassing toepassingsregels BV

De toepassingsregels voor de berekening van de BV op bezoldigingen, pensioenen en werkloosheidsuitkeringen met bedrijfstoeslag, die vanaf 1 januari 2015 worden betaald of toegekend, worden nu dus ook aangepast. Voortaan geldt hiervoor een onderwerping aan de BV van 8,08 % (zonder vermindering), waar voordien 10,10 % van toepassing was.

Uitkering pensioensparen bij 'brugpensioen'

Opgelet ! Wie toetreedt tot het stelsel van 'werkloosheid met bedrijfstoeslag' (het vroegere 'brugpensioen') vooraleer hij of zij 60 jaar wordt, en bij die toetreding zijn spaartegoed opvraagt, zal vanaf het aanslagjaar 2018 op dat tegoed geen 8% verschuldigd zijn, maar wel 33 % personenbelasting.
Het gunsttarief van 8 % geldt in de personenbelasting dus enkel nog voor de aanslagjaren 2016 en 2017.

De voordelige aanslagvoet van 8 % wordt nl. vanaf het aanslagjaar 2018 nog enkel toegepast als er spaartegoeden, kapitalen en afkoopwaarden worden uitgekeerd aan de rechthebbende naar aanleiding van zijn pensionering op de normale datum of in één van de 5 jaren die aan die datum voorafgaan, of zijn rechtverkrijgende indien hij overlijdt.

In werking

Het KB van 20 januari 2015 is van toepassing op de vanaf 1 januari 2015 betaalde of toegekende inkomsten.

Het wijzigt het KB/WIB 1992 op het stuk van de bedrijfsvoorheffing op uitkeringen in het kader van het pensioensparen.

Bron

Koninklijk besluit van 20 januari 2015 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de bedrijfsvoorheffing op uitkeringen in het kader van het pensioensparen, BS 27 januari 2015.

Extra informatie

- Programmawet van 19 december 2014, BS 29 december 2014 (PW 2015) – art. 103 tot en met art. 113
- Koninklijk besluit van 10 december 2014 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de bedrijfsvoorheffing, BS 16 december 2014. Erratum, BS 21 januari 2015.
- Sleutelformule voor het berekenen van de bedrijfsvoorheffing (BV) verschuldigd op bezoldigingen en op in artikel 146 van het WIB 1992 vermelde pensioenen of werkloosheidsuitkeringen met bedrijfstoeslag, betaald vanaf 1 januari 2015 (BEO-DR/2014/0438)

Nieuws - 01/02/2015
www.socialeye.be

Auteur
Christine Van Geel