de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

Het is nog maar een paar maanden geleden dat onze auto-industrie de zoveelste klap te verwerken kreeg. Opel-Antwerpen kreeg tegen elke economische logica in het nieuwe model (opvolger van de Astra) niet toegewezen. Dankzij het voortreffelijke Europese syndicale optreden binnen de GM-groep en dankzij een voorbeeldige ABVV-Metaaldelegatie binnen het bedrijf, werd uiteindelijk een dubbele buit binnengehaald. Er is een nieuwe toekomst voor Opel-Antwerpen (met voorlopig twee nieuw toegewezen modellen en in 2009 hopelijk een derde), maar de fabriek is ook afgeslankt. Voor de afvloeiing van 1861 arbeiders is er echter een uitstekend sociaal akkoord onderhandeld. Natuurlijk volgt er dan altijd kritiek. Voor sommigen is de werkzekerheid niet groot genoeg; in de publieke opinie schreeuwen anderen moord en brand over de té hoge gouden handdrukken.
Soms is het goed om voorbij onze grenzen te kijken, om beter te zien wat we ondanks alles gerealiseerd hebben. Zaterdag 15 september bijvoorbeeld liep in de Verenigde Staten een vierjarige collectieve arbeidsovereenkomst af bij Ford, General Motors en Chrysler. De United Autoworkers (UAW) kozen General Motors uit als hoofddoelwit. Als ze daar een akkoord zouden bereiken, zouden de andere twee wel volgen. Na acht weken onderhandelen bleef een akkoord echter uit. Centraal stond de ziekteverzekering: de medische kosten van alle actieve arbeiders, gepensioneerde werknemers en hun familieleden worden nu betaald door de constructeurs. Het gaat om meer dan één miljoen personen, waarvan de meesten op pensioen zijn. De totale verplichtingen voor verwachte gezondheidsuitgaven wordt geschat op 90 tot 110 miljard dollar, dat komt neer op 1.200 tot 1.500 dollar per auto. De ‘Big Three' willen nu verlost worden van de ziekteverzekeringsverplichtingen. Ze stellen daarom voor om een trust op te richten – een Voluntary Employees' Beneficiary Association (VEBA) – die door de vakbond zou worden beheerd. De fabrikanten zouden er al hun verzekeringsverplichtingen in onderbrengen en een eenmalige financiële injectie geven.

De constructeurs speelden het spel zeer hard. Ze dreigden met een verhuizing van de Amerikaanse autoproductie naar het buitenland. Iedereen realiseert zich dan ook dat het de belangrijkste onderhandelingen in meer dan een generatie zijn. Op het moment dat we dit edito schrijven is er nog steeds geen akkoord. De UAW leek bereid te zijn om te praten over trust, beheerd door de vakbonden, dat de ziektekosten moet dekken. (Een zelfde systeem werd ook reeds onderhandeld door de “United Steelworkers” bij Goodyear.) Maar de gesprekken blokkeerden op de garanties die de UAW vroeg voor de arbeiders die zouden blijven werken bij GM na de voor volgend jaar voorziene herstructurering. (De uitkomst over deze cruciale onderhandelingen kan men vinden op www.abvvmetaal.be.)

Het is die lijn die de delegatie van ABVV-Metaal ook steeds aangehouden heeft: een akkoord over herstructurering en kostenbesparing, maar enkel als er werkzekerheid is.  In Antwerpen is dat gelukt; de UAW vecht er op dit moment nog voor. Er is nu medegedeeld dat er meer kandidaat-vertrekkers (brugpensioen en gouden handdrukken) dan plaatsten zijn, zoals ook al het geval was bij Volkswagen-Vorst. Na alles wat de arbeiders hebben meegemaakt is dat goed te begrijpen. Bovendien is er ook nog eens de politieke onzekerheid: gaat de nieuwe regering ons een Generatiepact-bis opsolferen? Dat er zoveel vertrekkandidaten zijn, toont aan dat we een goed sociaal akkoord hebben onderhandeld. Maar ook het andere mag niet vergeten worden, zeker in deze moeilijke tijden voor de automobielindustrie: voor de resterende arbeiders en hun gezinnen is er werkzekerheid! Dat was onze inzet en we hebben woord gehouden.

Herwig Jorissen
Voorzitter