de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Herwig Jorissen.

 

Begin deze maand  maakte de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven haar rapport over de evolutie van de Belgische concurrentiekracht publiek.  Het CRB rapport toont dat het de goede kant uit gaat met de loonhandicap die België heeft ten overstaan van onze drie buurlanden. In 2006 zou die nog maar 1,2 procent bedragen en volgend jaar zou ze wegsmelten tot 0,4 procent. Het VBO noemde de cijfers: Niet geloofwaardig, niet correct, verouderd en zelfs belachelijk. Ook Agoria kon niet achterblijven. Het CRB rapport houdt geen rekening met een historische loonhandicap van 8%, beweert Agoria. Ze hebben in hun persbericht over een goed nieuws show. “Geloofwaardig is het cijfergegoochel van de Raad al lang niet meer. De CRB blijkt niet in staat om serieuze prognoses te doen. Daarvoor ontbreekt het hem duidelijk aan analysecapaciteit.”

ABVV en ACV hekelden terecht de demagogie van de werkgevers die de CRB verketteren als het hun slecht uitkomt en omgekeerd, die willekeurige buitenlandse studies aanhalen en dan nog eenzijdig om hun stelling te ‘bewijzen'. Bovendien is in het verleden ook door onverdachte liberale economen als professor De Grauwe al gezegd dat het onzin is om te beweren dat de lonen te hoog zijn. Omdat het concurrentienadeel met onze buurlanden verwaarloosbaar is en het met het Verre Oosten zó groot dat het toch niet overbrugbaar is.

ls er, daarenboven, één patroonsfederatie niet moet mee huilen met de wolven in het bos, dan is het wel Agoria. Reeds vanaf het akkoord van 2003 bestaat in onze sector het saldomechanisme (weliswaar met een vrijwaring van de index). In de metaal kan er dan ook geen sprake zijn van sectorale ontsporing van de loonkost. Als er op individuele basis ontsporingen zijn dan hebben de patroons die enkel aan zichzelf te danken. Samen met Agoria hebben we geijverd voor een verlaging van de patronale lasten op ploegenarbeid. Het resultaat is er. De Centrale Raad voor het Bedrijfsleven raamt de totaliteit aan lastenverlagingen voor dit jaar op 7,5 miljard euro. De politiek van lastenverlaging heeft de belastingdruk op arbeid de afgelopen jaren met 1,4 procent doen dalen. Maar de lastenverlaging op ploegen- en nachtarbeid komt natuurlijk grotendeels ten goede aan de industriële bedrijven. De Belgische autoproducenten zien daardoor hun loonkost dit jaar met 2,1 procent dalen. Als dat er mede voor kan zorgen dat we deze cruciale industriële werkgelegenheid hier kunnen houden, is het hen meer dan gegund. Maar de impact van de lastenverlaging wordt wel niet meegerekend in het rapport van de CRB. Tenslotte werd in de metaal en elektronische industrie in Nederland net een akkoord afgesloten van 8,7% voor de komende 27 maanden.

In de metaal hebben we ons als verantwoorde partners gedragen. Omdat ook wij bezorgd zijn voor de situatie van onze bedrijven. Want zonder bedrijven zijn er ook geen jobs. Maar men moet onze goedheid niet met domheid verwarren. Het zou onze patroons sieren indien ze zich ook op een verantwoordelijke manier zouden gedragen. Als VBO en Agoria roepen dat de kost van de inflatie van oktober niet verrekend is in een rapport dat afsluit in september, dan zeggen wij, dat ook wij bekommerd zijn om de stijging van de prijzen. Maar omdat het de koopkracht van de arbeiders aantast.

Herwig Jorissen
Voorzitter