de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

“Koopkrachthysterie”, zo noemt het patronaat de acties van de afgelopen maanden. Als het al hysterie is, dan wel van het aanstekelijke soort. In de vorige Werker vond je al een behoorlijke lange lijst van bedrijven waar akkoorden werden gesloten (soms met en in de meeste gevallen zonder staking. Die lijst is nog langer geworden: Duracell, Sylvania, Crown Speciality Packaging Hoboken, Spicer, Philips Brugge, Tyco, Bosal, EADS (Oostkamp), Crown Verpakking (Deurne), Sadef, VLD Jonckheere, Superia (Zedelgem), Cools Parts (Zedelgem),... En dan lopen in verschillende bedrijven de onderhandelingen nu nog. Volgens Timmermans van het VBO (interview De Morgen) doen al de patroons die toegevingen omdat de vakbonden hen het mes op de keel zetten. Ze moeten wel want, zo zegt hij, er bestaat geen OCMW  voor ondernemingen die op het einde van de maand niet rond komen. Neen, maar gelukkig bestaat er dan zoiets als notionele interestaftrek en andere fiscale spitsvondigheden. Noch de arbeiders, noch de vakbonden willen het sociaal overleg zoals dat bestaat in België op de helling zetten. Zo'n uitspraken zijn een regelrechte belediging voor de arbeiders die elke week in hun winkelkarretje geconfronteerd worden met de gestegen levensduurte. En het is heus meer dan tien procent van de bevolking dat er koopkracht bij ingeschoten is. 

De vakbonden hebben geen acties georganiseerd rond koopkracht met het oog op de nakende sociale verkiezingen. Het bewijs daarvoor is dat er in weinig of geen bedrijven over de eisen een opbod is geweest tussen de vakbonden. De industriebonden hebben integendeel gehoor gegeven aan wat leefde bij de arbeiders en deze verzuchtingen verwoord. In de overgrote meerderheid van de gevallen is dat afgehandeld op de traditionele manier, binnen het sociaal overleg. En ze hebben in de meeste gevallen gebruik gemaakt van een systeem (de “niet-recurrente” oftewel eenmalige voordelen) waar het patronaat vragende partij voor was tijdens de laatste Interprofessionele Onderhandelingen. Zij hadden hierbij misschien niet aan de arbeiders gedacht, maar zolang er geen eengemaakt werknemersstatuut is, moeten de arbeiders nu eenmaal voor zichzelf opkomen. 

Laat ons dus vooral redelijk zijn: daar waar het kon zijn koopkrachtakkoorden onderhandeld of is men nog in onderhandeling. Dat is één zaak. Het heeft geen zin om nu al schoten voor de boeg te lossen met het oog op interprofessionele en / of sectorale onderhandelingen. Van de politiek hebben we de afgelopen maanden kunnen leren dat de ander provoceren niet tot eerbare compromissen leidt. Wat de koopkracht betreft, hebben de vakbonden op een verantwoorde manier hun werk gedaan. Het zou goed zijn, indien de (interim- of andere) regering hun deel zou doen om de koopkracht van de bevolking te vrijwaren.

Herwig Jorissen
Voorzitter