de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

Decennialang vragen de metallo's in dit land dat er een einde wordt gemaakt aan een van de meest schrijnende discriminaties op onze arbeidsmarkt: het onderscheid tussen het arbeiders- en bediendestatuut.

Dat de bedienden in België bij ontslag tot de best beschermde werknemers in Europa behoren en de arbeiders tot de slechts beschermde groep vormt van deze discriminatie natuurlijk het meest frappante voorbeeld. Toch gaat het hier slechts om één enkel aspect dat moet worden aangepakt, als we de discriminatie tussen arbeiders en bedienden uit de wereld willen helpen. Wat dan nog meer? Bijvoorbeeld:

  • de proefperiode
  • arbeiders krijgen een uurloon, bedienden een maandloon
  • berekening vakantiedagen voor arbeiders op basis van gewerkte dagen, voor bedienden op basis van gewerkte maanden
  • het vakantiegeld wordt anders berekend en anders uitbetaald
  • tot voor de crisis konden enkel arbeiders tijdelijk werkloos worden – bedienden kunnen nu ook op tijdelijke werkloosheid, maar enkel mits een bedrijfsovereenkomst
  • de carenzdag (arbeiders worden voor de eerste en/of tweede dag ziekte niet betaald) – al hebben wij deze gelukkig kunnen afschaffen in de meeste metaalsectoren
  • voor het gewaarborgd loon moeten arbeiders minstens één maand anciënniteit hebben – bedienden niet (behalve bij een contract van bepaalde duur van minder dan drie maand)
  • ...

De maatschappelijke en economische gevolgen reiken echter verder. Er staat niet alleen een muur tussen het arbeiders- en bediendestatuut, maar ook tussen de arbeider en de bediende op de arbeidsmarkt. Amper één procent van de arbeiders slaagt erin om door te groeien tot een bediende, laat staan tot een hoger kader.

En als we al die verschillen wegwerken, dan blijft er nog altijd dat ene verschrikkelijke onderscheid dat dan ook nog is vastgelegd bij wet: arbeiders werken zogezegd met hun handen en bedienden met hun hoofd. Anders gezegd moeten arbeiders niet nadenken om hun job uit te voeren. Daarom willen wij één werknemersstatuut.

Wij willen geen afbraakharmonisering. Daarom mag een nieuw werknemersstatuut niet raken aan de rechten van de huidige werknemers. De invoering van één enkel statuut betekent ook niet dat er geen specifieke regelingen kunnen zijn voor bepaalde categorieën van werknemers. Ook nu zijn er bijvoorbeeld verschillen tussen werknemers in verschillende sectoren. Eén werknemersstatuut impliceert echter wel dat minstens iedereen gelijk aan de start zal verschijnen.

Bezorgd om de impasse waarin heel het dossier van het arbeiders- en bediendestatuut was terechtgekomen, herhaalde ons Statutair Congres in 2009 met kracht deze oude eis van de metallo's. Het Congres gaf daarenboven de opdracht om een campagne te lanceren, als het er niet naar uitzag dat er op korte termijn een dergelijk statuut tot stand zou kunnen komen. Op de Syndicale Raad van 16 april werd alles nog eens op een rij gezet en is beslist om deze campagne te voeren.

Er is geen beter moment dan 1 mei om deze boodschap luid en duidelijk te verkondigen? Maak een einde aan al de verschillen tussen het arbeiders- en bediendestatuut. Stop de discriminaties arbeiders-bedienden. WERK = WERK. We willen één werknemersstatuut.

Herwig Jorissen
Voorzitter

Het campagnemateriaal (sticker - pamflet - brochure) kan je verkrijgen op de provinciale secretariaten of via de campagnepagina op onze website