de voorzitter

De Voorzitter gaat de dialoog aan. Het gedacht van Georges De Batselier.

 

Bekaert-topman Bert De Graeve verklaarde onlangs in de media een vertrek van Bekaert uit België niet uit te sluiten. Industriële productie op grote schaal was, aldus De Graeve, niet langer leefbaar in België. ABVV-Metaal heeft onmiddellijk hard gereageerd op die uitspraak. Dat was ook nodig, omdat we maar al te goed weten welke onrust zo’n grootspraak teweegbrengt op de werkvloer. Zowel in Zwevegem, als in Aalter en Ingelmunster was die onrust op slag voelbaar.  Onze reactie leidde nog diezelfde dag tot een gesprek tussen de vakbonden en de directie van Bekaert. Als resultaat legde De Graeve een verklaring af aan het personeel. Daarin zat een dubbele boodschap: Bekaert garandeert te blijven investeren in de Belgische vestigingen en, belangrijker nog, vakbonden en directie hebben een CAO werkzekerheid gesloten tot midden 2014. Daarnaast zal de directie contracten van bepaalde duur al na één jaar omzetten in vaste contracten.

In diezelfde verklaring dringt Bert De Graeve ook aan op de ontwikkeling van een degelijk industriebeleid door de overheid. Eenzelfde boodschap had hij ook in 2009 al gegeven: ‘De industrie is de echte bron van welvaart voor een land, maar als je de begrotingsmaatregelen ziet, kun je je afvragen of de industrie nog gewenst is in dit land.’

Met die boodschap is ABVV-Metaal het ten gronde eens. Daarom dat we in 2008 – bij het prille begin van de financieel-economische crisis - geëist hebben dat er dringend een ‘Noodplan voor de industrie’ zou komen. Daarom ook dat we in 2009 - op ons Congres in Gent – ‘Investeren in Industrie = Investeren in Welvaart’ als centrale slogan hebben gekozen.

Dus ja, een regering die nog gelooft in de industrie en daarvoor de nodige maatregelen neemt, is inderdaad nodig. Door een coherent industrieel beleid (inzake productie, infrastructuur, competenties en arbeidsmarkt) te voeren, door de energieprijzen aan te pakken, maar ook en vooral door een doorgedreven beleid inzake innovatie en ontwikkeling op poten te zetten (de extra 65 miljoen euro waarover de Vlaamse regering onlangs besliste is een stap in de goede richting). En de kwaliteit heeft Bekaert blijkbaar zelf in huis,  getuige de prijs die een van de onderzoeksters van het bedrijf, Ann Lambrechts, won als Europees uitvinder van het jaar in de categorie ‘Industrie’ (door staaldraadelementjes bij beton te mengen, ontwikkelde ze gewapend beton met een verbeterde buigsterkte en stabiliteit).

Blijkbaar zijn echter ook aandeelhouders nodig die nog geloven in de industrie. Want ook al kon Bekaert voor het eerste kwartaal in 2011 mooie cijfers voorleggen (in alle regio’s steeg de omzet met minstens een kwart), zakte het aandeel van de staaldraadreus met meer dan 5 procent. Reden daarvoor is dat Bekaert een voorzichtige houding aanneemt voor de rest van het jaar. Blijkbaar blijven sommigen van mening dat aandeelhouders voor het snelle gewin mogen kiezen en dat de overheid maar voor de rest moet zorgen.

Er is wel degelijk nog industriële productie mogelijk in Vlaanderen en niet alleen bij Bekaert. De arbeiders geloven daarin, zoals ze dat al decennialang tonen. Daarom dat we als vakbond ons goed voorbereiden op het standpunt dat de Vlaamse regering over het Witboek voor een nieuw Industrieel beleid zal innemen. Op het niveau van het Vlaams ABVV met een Uitgebreid Intergewestelijk Comité en in de Centrale op de volgende Syndicale Raad op 30 mei. De syndicale wil is er, nu nog de politieke en industriële wil.

Herwig Jorissen
Voorzitter