De verhalen die ons de laatste weken bereiken via onze secretarissen en afgevaardigden, de getuigenissen in kranten van gezinnen, de posts die circuleren op sociale media... Ze hebben vaak - té vaak - gemeen dat het water hen aan de lippen staat. Soms is het zelfs erger dan dat. De druk die financiële problemen met zich meebrengt, wordt te veel.

Facturen blijven onbetaald op de hoek van de tafel liggen of weggemoffeld zodat het minder confronterend is. De auto die minder vaak wordt gebruikt. De rekening aan de kassa die hoger uitvalt dan verwacht waardoor je toch snel beslist om dat item of dat product vlug uit de winkelkar te halen.

Neen, het is niet ok.

Dat we niet alles in de hand hebben, is evident. Over een oorlog hebben wij niets te zeggen. Over prijsstijgingen die dat met zich meebrengt, ook niet. Maar wat we niet mogen doen, wat we nooit mogen doen, is ons neerleggen bij de situatie alsof we voor voldongen feiten staan.

Want er zijn wel degelijk manieren om de koopkracht op peil te houden en zelfs te versterken. In de eerste plaats kijk ik dan naar de regering die maatregelen moet treffen om de facturen betaalbaar te houden. Dat is hun verdomde plicht. En daar mogen ze niet mee wachten. Dat mag niet verlaat worden door gepalaver over allerlei ideologische kwesties. Het gaat hier over de portemonnee van de gezinnen, van de werknemers, van ouderen en jongeren. Dat is de enige ideologische kwestie die zou moeten heersen.

En die maatregelen moeten doeltreffend zijn, moeten onmiddellijk effect hebben en meteen ook van duurzame aard. Dat gaat bijv. over een lagere btw op gas en elektriciteit. Dat zijn geen luxeproducten die je aan 21% moet belasten. Neen, dat is levensnoodzakelijk. Dat gaat ook over de permanente uitbreiding van het sociale tarief zodanig dat meer gezinnen met financiële moeilijkheden daar beroep op kunnen doen. Dat gaat evenzeer over het afromen van overwinsten van de energiebedrijven zodanig dat die niet op de kap van de gezinnen slapend rijk worden. Enzoverder enzomeer.

De problemen van de werknemers zullen niet worden opgelost met ballonnetjes hier en halfslachtige ingrepen daar. Waarvan we overigens vooraf weten dat de uitkomst onvoldoende is.

Wat is wel een juiste oplossing? Meer koopkracht door betere lonen en hogere uitkeringen.

In dat eerste geval moet de loonnormwet (de wet van ’96) verbeterd worden. Onze werknemers hebben recht op meer loon. Dat die wet verkeerd in elkaar zit, hebben we al meerdere keren geschreven en gescandeerd. Nu is het tijd om er echt werk van te maken. Met socialisten in de regering moet dat lukken. In elk geval heeft de petitie van de 3 vakbonden om de wet te veranderen, ondertussen al bijna 90.000 handtekeningen verzameld. Meer dan genoeg om gehoord te worden door het parlement. En dat is wat we nu ook zullen doen.

Wat we hen op dat ogenblik ook nog eens duidelijk zullen maken is dat er aan onze index niet kan worden geraakt. Want gelukkig hebben we nog het systeem van de automatische loonindexering die een belangrijke schokdemper is en de gezinnen beschermt bij zware tegenslagen zoals we die vandaag kennen. Wie dus nog zou spelen met het idee om onze index aan te pakken, denkt dus best geen twee maar drie keer na.

Dit gezegd zijnde, wil ik het ook hebben over de situatie van de vrouw. Zij verdienen vandaag nog altijd 22,7% minder dan mannen. Op 24 maart – ter gelegenheid van de Dag voor Gelijk Loon – kaarten we dat aan, want die loonkloof is te wijten aan een systeem dat vrouwen stelselmatig achteruitstelt op vlak van lonen, van pensioen, van promotiekansen, van arbeidsvoorwaarden.

We leven niet meer in de jaren ‘5O-tig, hé. Hoog tijd dat we daar allemaal onze schouders onder zetten en gaan voor betere rechten, voor meer kansen. De samenleving in zijn geheel zal er wel bij varen. Ik vraag me af of er met meer vrouwen als staatshoofd ook zoveel oorlog zou zijn. Maar nu ga ik waarschijnlijk iets te ver. En toch, je moet jezelf die vraag eens stellen.

We zien elkaar in elk geval op de acties die her en der in het voorjaar worden georganiseerd. Ik reken op jullie, mijn kameraden.

Miranda