In gesprek met... Meryame Kitir.

Hoe zou jij reageren als je baas je vraagt om samen om de tafel te zitten, begint met te zeggen dat je uitstekend werk levert en dat het bedrijf mede daardoor groeit en winst boekt, maar dat je tot minstens 2020 niet hoeft te rekenen op substantiële loonopslag? Zou jij blijven zitten?

Het is een grondregel van elke onderhandeling dat je partijen de kans geeft om op zijn minst een minimum binnen te halen. Concreet: voor werkgevers de concurrentiepositie van hun bedrijven op peil houden, voor werknemers een eerlijk loon dat daar tegenover staat. En precies dat laatste ontbreekt helemaal vandaag.

En toch vinden sommigen dat er nog rek op zit. “We zijn halfweg. We moeten nog competitiever worden. Daarom moeten de brutoloonkosten verder omlaag. Dat is een topprioriteit voor de volgende federale regering”, zei Geert Bourgeois (N-VA) vanuit Davos, waar hij op het Wereld Economisch Forum toefde tussen 3.000 andere beleidsmakers en bedrijfsleiders.

Het is de Vlaamse minister-president blijkbaar ontgaan dat meer dan 230.000 werkenden in ons land - mensen mét een job dus - vandaag toch in armoede leven. Nog schrijnender is dat steeds meer van die werkenden ook moeten aankloppen bij de voedselbank. Wie werkt, voelt gewoon dat er iets niet klopt. Dat blijkt ook uit de cijfers: Belgische bedrijven besteden steeds minder dan vroeger aan lonen van werknemers. Tegelijk stijgen de dividenden die ze aandeelhouders uitkeren fors. In 2016 klokten de aandeelhouders af op 9,4 miljard. Het kan haast niet anders dat vandaag dat bedrag de 10 miljard benadert.

En toch is “sorry, maar de lonen mogen niet te veel stijgen”, de boodschap van bedrijfsleiders. Om precies te zijn: niet meer dan 0,8% de komende twee jaar, omdat de Zweedse coalitie in 2016 besliste om de loonwet te verstrengen. Die verstrenging is ongetwijfeld prettig voor aandeelhouders die hun dividenden zo nog meer zien stijgen, handig voor werkgevers om mee te zwaaien tijdens onderhandelingen, maar een somber vooruitzicht als je elke dag hard werkt en bijdraagt aan een systeem dat niet bereid is om daar iets tegenover te zetten.

Wie werkt, blijft zo niet alleen de factuur gepresenteerd krijgen om de cadeaus voor bedrijven te financieren, maar krijgt nu ook te horen dat die niet op té veel hoeft te hopen. N-VA schopt het zelfs zo ver dat ze na 26 mei de loonindex gewoonweg wil afschaffen. Maar té veel is niet wat werknemers vragen. Het enige wat zij vragen, is een minimum aan zekerheid. Want in tegenstelling tot wat N-VA en andere rechtse partijen denken, zijn het niet de aandeelhouders die de economie doen draaien, maar wel wie werkt.  

Er is een reden waarom volgende week wellicht weer tienduizenden op straat komen. En die reden is heel simpel: ze zijn het beu dat ze niet mogen meegenieten van de groeiende welvaart waar zij elke dag toe bijdragen. In december al diende sp.a een wetsvoorstel in om die loonwet aan te passen. Niet om vakbonden carte blanche te geven, maar om op zijn minst weer onderhandelingsruimte te geven aan de sociale partners om de lonen op een eerlijke manier mee te laten stijgen. Of anders gezegd: om iedereen die werkt de zekerheid te bieden dat hij of zij vooruit kan.

Daarom steun ik met mijn hele hart de staking. En daarom pleit ook mijn partij voor een bruto minimumloon van 2.300 euro, zoals het ABVV voorstelt. Zekerheid bieden voor iedereen die werkt, is geen kwestie van niet kunnen. Het is een kwestie van fundamentele rechtvaardigheid. Dat is onze nieuwe strijd.

Meryame Kitir

Federaal Fractieleider sp.a

Andere blogs van Meryame:

Een stem geven aan wie minder meetelt

Wie ziek is, die vertrouwen we niet

Politiek ten dienste van de burger, iemand?

Van 'Accent-jobs' tot de regering Michel: ze willen het sociaal overlegmodel kwijt

De lasten op arbeid verlaagd, de lasten op arbeiders verhoogd

Wat hebben de werknemers deze regeringen toch misdaan

Is er behalve geruzie binnen de regering nog iets van zekerheid in dit land?